ijsvogel

Verongelukte ijsvogel

 

In de herfst krijg ik nogal eens vogels gemeld die zich doodvliegen tegen een ruit. Het zijn bijna altijd ‘s nachts trekkende soorten die dit overkomt. Overdag gebeurt het ook, dan zijn het vooral sperwers die zich tijdens een achtervolging van een prooi over heggen en schuttingen tegen een ruit te pletter vliegen. In de meeste gevallen zie ik dan jonge onervaren vogels als slachtoffer van zo’n botsing. Je maakt ook mee, dat ze voor dood onder de ruit liggen en na een poosje toch weer wegvliegen. Is hun nek gebroken, dan is het einde verhaal. De eerste melding van dit jaar kwam uit Brielle waar een ijsvogel een vroegtijdig einde vond tegen een ruit.

 

Volwassen vrouwtje ijsvogel. In Brielle tegen een raam gevolgen. Foto Hans Beers

Volwassen vrouwtje ijsvogel. In Brielle tegen een raam gevlogen. Foto Hans Beers

IJsvogels, Alcedo atthis, zijn op dit moment heel algemeen. Ze worden vaak gezien. Waar ik woon hoef ik maar even het park in te gaan en hups, er vliegen er een paar voorbij. Meestal verraden ze zich door hun harde roep.
 

OLYMPUS DIGITAL CAMERA
Deze ijsvogel is in de rui. Toch kan hij nog broeden. Er zijn jaren, dat vier keer gebroed wordt. (foto AvBH)
 

Pronken met andermans veren

 

Aan het einde van de negentiende eeuw zijn veel vogelsoorten door het oog van de naald gekropen. Blauwe reigers, zilverreigers, kwakken, ze werden massaal afgeschoten omwille van de sierveren op kop of rug, die in de damesmode werden gebruikt. Goedkope sierveren van de blauwe reiger voor de middenklasse, paradijsvogelveren uit Nieuw-Guinea voor de rijken. De jacht ten behoeve van de mode nam grote vormen aan, zodanig dat sommige soorten zo zeldzaam werden dat ze dreigden uit te sterven. Mede daarom is in 1899 de Nederlandsche Vereeniging tot Bescherming van Vogels opgericht (nu Vogelbescherming Nederland).

Uit die tijd stamt ook de hoedenpen die mijn buurvrouw in bezit heeft en waar een ijsvogel, Alcedo atthis, voor is opgeofferd. De knop is ingelegd met veertjes van de ijsvogel.

Hoedenpennen zijn minstens 15 cm lange, stalen pennen met een knop aan het einde. De pen werd door een hoed en het opgestoken haar eronder gestoken om de hoed te verankeren. Deze pennen waren aan het einde van de negentiende eeuw in de mode. Er waren eenvoudige en meer luxe uitvoeringen te krijgen. In die tijd was het mode om te pronken met andermans veren.

Hoedenpen. In de tram moest er, om ongelukken te voorkomen, aan het scherpe einde een beschermende knop gestoken worden, desnoods een aardappel, op straffe van een boete

De hoedenpennen bleken niet ongevaarlijk. De scherpe punten staken uit de hoed en konden anderen verwonden. Dat leidde ertoe dat in de Amsterdamse trams bordjes hingen waarop stond dat het op straffe van een boete verboden was met de tram te reizen zonder beschermknopje aan de scherpe punt.

IJsvogels zijn nog steeds gewild, maar nu bij fotografen. Ze worden weer vaker gezien zolang het niet langdurig vriest. Foto’s: AvBH

Met dank aan Liesbeth Roth, toegewijd verzamelaarster van hoedenpennen.

 

IJsvogel, what’s in a name

 

Het aantal ijsvogels, Alcedo atthis, nam sterk toe als gevolg van de zachte winters. Maar daar maakte de laatste winter van 2010 een einde aan. Veel ijsvogels stierven door gebrek aan open water. Hoewel de naam ijsvogel anders doet vermoeden leven de meeste soorten in de warme tropen. Onze ijsvogel leeft van kleine visjes, zoals stekelbaarzen. Ze slaan de vis eerst dood voordat ze hem opeten. Ze kunnen slecht tegen strenge winters met veel ijs. Dan sterven ze omdat ze dan niet bij hun voedsel kunnen komen. Het duurt jaren voordat de stand hersteld is.

Er zijn in ons land heel wat schuilhutten waarvoor een stok in het water geplaatst wordt. Speciaal bedoeld om ijsvogels te lokken voor de foto. Deze stok staat in mijn woonplaats.

De ijsvogel is ondanks zijn schuwe karakter een vaste poseur op de stokken voor de hutten. Foto’s AvBH

In het Oudduits is de naam Eisenvogel. Die dankt hij aan de toen gebruikte techniek bij de bewerking van ijzer die sieraden een staalblauwe kleur gaf. De naam bleef in gebruik, dankzij het gedrag van de vogel bij wakken in de winter. Er zijn meer namen voor de ijsvogel. Zo wordt hij in Zeeuws-Vlaanderen ook wel Sluuswachter genoemd, naar zijn gewoonte om vanaf sluisdeuren te vissen.