Mossel en vis

 
Al eerder schreef Wilde Wijde Wereld over de steur, Acipenser sturio, de leverancier van kaviaar. Steur  is net als houting, zeeprik, rivierprik en zalm een vis die voor zijn voortplanting de rivieren optrekt. Op de zalm na, die naar beekjes in het hooggebergte doortrekt, leggen de andere soorten hun eieren in de beddingen in de beneden- en middenloop van grotere rivieren zoals de Rijn en de Maas. Toen in de tweede helft van de vorige eeuw door steeds toenemende industriële lozingen extreme riviervervuiling optrad, werd die door de vis duur betaald. De bestanden hebben zich nooit meer helemaal hersteld. De houting geldt voor ons land als uitgestorven sinds 1930. Zeeprik en rivierprik komen nog sporadisch de rivieren op.

De voortplanting van de rivierparelmossel hangt af van de steur. De mossellarven hechten zich aan de kieuwen van de steur.

De steur zet zijn eieren deels af in de rivierparelmossel, Margaritifera auricularia. De larven van mossel en vis halen hun zuurstof uit het door de mossel en langs de kieuwen van de vis stromende zuurstofrijke water.
 
Met het verdwijnen van de rivierparelmossel, Pseudunio auricularia, verdween de steur uit de Europese rivieren. De industriële vervuiling speelde daarbij een grote rol.
 

Geef een reactie

Jouw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *