Filmpjes

Het gezicht van de mens

 

Zou jij schrikken wanneer je deze meneer met zijn wel heel lage voorhoofd, brede neusgaten en dikke wenkbrauwen tegen zou komen in tram 17 of bus 24? Stap dan uit bij halte Museon, ga naar de permanente tentoonstelling Jouw Wereld Mijn Wereld en kom achter het verhaal van deze mens die de naam Homo heidelbergensis mee heeft gekregen.

 

Dig054-11-005_163685 homo heidelbergensis

 

De fossielen die te boek staan als Homo heidelbergensis krijgen de laatste tijd steeds meer aandacht. Zo zien vele onderzoekers deze mensensoort als de voorouder van zowel ons als de Neanderthalers. Wie daarover uitgebreider geïnformeerd wil worden klikt op Homo heidelbergensis.

 


 

In dit filmpje van een minuut zie je hoe een kunstenaar de zeven miljoen jaar oude ontwikkeling van het menselijk hoofd heeft proberen te vangen. Filmmaker Dan Petrovic laat modelhoofden, die te zien zijn in het Museon en in het Naturmuseum Senckenberg in Frankfurt, op vloeiende wijze in elkaar overgaan. In het Museon zijn vijf van deze gereconstrueerde hoofden permanent tentoongesteld.

 

De-Oermens

 

In het boek De Oermens komen de fossielen van oermensen tot leven. Het daalt op voor kinderen begrijpelijke wijze af in de oertijd en volgt onze voorouders. Het is uitgegeven door Leopold en geïllustreerd door Alfons en Adri Kennis.

 

Coelacanth, levend fossiel

 

ICHTHYOLOGIE

 

Er is in zee een coelacanth gevonden,
de missing link tussen twee vissen in.
De vinder weende van verwondering.
Onder zijn ogen lag voor ’t eerst verbonden

 

de eeuwen onderbroken schakeling.
En allen die om deze vis heenstonden
voelden zich op dat ogenblik verslonden
door de miljoenen jaren achter hen.

 

Rangorde tussen mens en hagedis
en van de hagedis diep in de stof,
verder dan onze instrumenten reiken.

 

Bij dit besef mogen wij doen alsof
de reeks naar boven toe hetzelfde is
en kunnen zo bij God op tafel kijken.

 

Gerrit Achterberg
In: Cenotaaf, 1953

 

 

Soms glipt een uitgestorven gewaande soort door de mazen van de tijd. Dat deed een vis, de Coelacanth, Latimeria chalumnae. Hij werd springlevend teruggevonden in de Indische Oceaan bij Zuid-Afrika terwijl we dachten dat de groep, waartoe hij behoorde, 80 miljoen jaar geleden was verdwenen. We spreken in zo’n geval van een levend fossiel.

 

De Coelacanth was lange tijd alleen bekend als fossiel. Het afgietsel in de collectie van het Museon (163636) is gemaakt van een vis op alcohol die in het museum in Luik ligt. Foto: Museon

 

Was het eerst alleen Zuid-Afrika waar deze vis levend werd teruggevonden, ze blijken ook bij de Comoren voort te leven. Zestig jaar na de eerste vangst werd voor de kust van het Indonesische eiland Sulawesi ook een Coelacanth aangetroffen op een vismarkt.

Dat deze vis niet zo “modern” is komt o.a. tot uiting in de zwemwijze en de beweging van de vinnen die heel anders is dan bij tegenwoordige beenvissen.” Kijk maar naar het filmpje.

 

 

De ontdekking van de Coelacanth met zijn onafhankelijk van elkaar bewegende vinnen op steeltjes waarin verschillende botjes zitten, leidde tot de veronderstelling dat deze vissen de voorouder zouden zijn van de eerste landdieren. Later is dit idee weer verlaten en nu houden onderzoekers het erop, dat een verwante groep vissen, Panderichthys, die 380 miljoen jaar geleden leefde, daar eerder aanspraak op kan maken. Coelacanth betekent letterlijk holle stekel naar de holle stekels van de eerste rugvin, een uniek kenmerk. Onze vis is de enige overlevende van zijn groep die 100 tot 200 miljoen jaar geleden uit veel meer soorten heeft bestaan.

 

Spinduizendpoot komt er aan

 

Het zit er dik in, dat we binnenkort een nieuw huisdier mogen verwachten: de zes centimeter lange spinduizendpoot, Scutigera coleoptrata. Oorspronkelijk alleen rond de Middellandse Zee te vinden, de laatste honderd jaar door de mens verscheept naar andere delen van Europa, Noord-Amerika en Azië.

 

Op de Olympische Spelen voor dieren winnen deze vijftien paar poten met gemak de sprint van duizend- en miljoenpoten. Foto gemaakt in de Ardèche in Frankrijk.

  

De duizendpoot heeft na haar succes in de Verenigde Staten nu ook haar eigen lied: de Centipede Song. Zodra de duizendpoot zich in ons land meldt zal Wilde Wijde Wereld de song gaan pluggen.

 



 


Het seksleven is bijzonder. Het mannetje deponeert zijn sperma in een pakketje op de grond. Het vrouwtje loopt erover heen en neemt het sperma op. Na de geboorte verzorgt moeder twee weken haar kroost. Vers uit het ei heeft de larf maar vier paar poten. Na iedere vervelling komt er een paar bij totdat er 14 paar zijn.

 

Ze zijn te vinden in badkamers, kelders en – zoals hier – verdronken in het zwembad van een vakantiehuis in Frankrijk. Foto’s AvBH

 

Het zijn jagers pur sang, die met hun lange poten meer prooien tegelijk vast kunnen houden die ze vervolgens achter elkaar opeten. De prooi wordt gedood met gif. In huis pakken ze kakkerlakken, zilvervisjes, spinnen e.d.

 

“Een rechts een averechts”

 

Het is weer spinnentijd. Voor mijn gevoel vroeger dan vorig jaar. Er hangen steeds meer webben in de tuin waarin met de dag vetter wordende kruisspinnen je hinderen je fiets uit de schuur te pakken. Ik heb een collega die vertelde, dat zij in haar jeugd met een boot in Zeeland lag. ‘s Nachts moest ze door de bosjes naar de wc en hing dan de webben ergens anders op zodat ze er niet inliep….  Terug naar de tuin: een kapot web wordt hersteld en in het volgende web pakt een spin een net gevangen vlieg in om die later leeg te zuigen. Een mannetjesspin is op vrijersvoeten in een ander web en probeert een vrouw te verleiden. Maar oh, zij vergist zich en dood is de man.

Bij het water hangen nu tussen de planten de webben van de Rietkruisspin. Foto en film AvBH

In het riet is de rietkruisspin, Larinioides cornutus, nu volop bezig. In het filmpje hieronder zien we de spin van de foto hierboven een stukje van haar web maken. Zie hoe telkens de afstand tot de voorgaande draad wordt gemeten met één poot voordat de draad aan de volgende spaak wordt vastgemaakt. Bijna een rechts een averechts, zo lijkt het.

 

 

‘s Morgens glinsteren de dauwdruppels op de webdraden. Dan zie je pas goed hoeveel spinnen er met hun web in de tuin zitten. Het kondigt het naderende einde van de zomer aan. Naarmate de tijd vordert zie je de kruisspinnen, Araneus diadematus, waarover HIER eerdere berichten, steeds dikker worden. En straks in oktober verdwijnen ze met de talloze muggen in hun maag, die ze voor ons gevangen hebben. De kranten schreven gisteren over grote spinnenplagen. Daar ben ik juist blij mee, want ik word nu minder door muggen gestoken.

 

Baarzende snoek

 
De vijvers van het Gemeentemuseum krijgen een onderhoudsbeurt. Eerst de kleine bij het Museon en nu de grote vijver. De tuinman, een fervent visliefhebber, verzorgt zijn vissies goed. Hij rent zich rot om alle vis levend over te brengen. Toen de grote vijver aan de beurt was riep hij me ‘s morgens vroeg. In een groot net lag heel rustig een kanjer van een snoek. Samen met de andere vissen kwam de snoek tijdelijk in de kleine vijver terecht. Het stelt mij in de gelegenheid de vissen beter te leren kennen. Behalve snoek zit er o.a. baars, zonnebaars, graskarper en karper in de vijvers. De snoek is door Raimond zelf als kleine vis ongeveer vier jaar geleden uitgezet. 

Onderhoud aan de grote vijver

 

Trots laat de tuinman een grote snoek zien. Ze zijn door hemzelf vier jaar geleden als jonge vis uitgezet. Snoek leeft van jonge vis en de zonnebaarzen in de vijvers. De volwassen karpers en graskarpers zijn te groot. Foto’s AvBH

Op dezelfde dag kreeg ik een filmpje van Museoncollega Marcel Aalbregt. Hij ontdekte bij zijn huis een klein snoekje die een iets kleiner baarsje te pakken had. Na de kop naar binnen te hebben gedraaid verdween de baars rap en nog levend in de snoek.

 

 
Met dank aan collega Marcel Aalbregt die de film maakte.