Zee en strand

Helgoland

 

Helgoland Lange Anna

Een bekend beeld van het eiland: de 60 meter hoge Lange Anna vlakbij de noordpunt. De enige broedgelegenheid voor de op de rode rotsen broedende zeevogels in het oosten van de Noordzee.

 

‘s Morgens om half elf afvaart en om één uur ‘s middags sta je midden in de Noordzee op een roodgekleurd rotsblok van 2500 meter lang en 700 meter breed. Helgoland (= Heilig land) is zoals alle eilanden uniek. Geen auto’s, alleen een paar geruisloze elektrisch aangedreven taxi’s. En fietsloos. Het eiland is pas sinds 1890 Duits. Daarvoor was het Engels. In het verdrag bij de overdracht werd geregeld, dat het eiland een status aparte binnen Europa kreeg. Zo kun je er belastingvrij inkopen doen. Daaraan danken de Helgolanders een deel van hun welvaart. Dagelijks komen stromen dagjesmensen van de boot die sloffen sigaretten, parfum en flessen sterke drank kopen. De slijterijen en sigarettenwinkels verdringen elkaar in de straatjes bij de haven. Je ziet veel rokers op deze, wat luchtkwaliteit betreft, schoonste plek in Europa. Wie helemaal rust wil neemt de lift die je voor 80 cent van het Unterland naar het Oberland brengt. Daar kom je op een 60 meter boven de zee liggend plateau dat bestaat uit 250 miljoen jaar oud rood gesteente met de naam Bontzandsteen.

 

Jan van Gent

Jan van genten, Morus bassanus, broeden pas vanaf 1990 op Helgoland. Handig maken ze gebruik van de opstijgende winden langs de steile rotsen om hoogte te winnen. Foto’s AvBH

 

Vanaf augustus zet de veerboot veel vogelaars over. Dat heeft alles te maken met de start van het vogeltrekseizoen. Op de boot is het al merkbaar, want geregeld passeren op volle zee groepjes spreeuwen en leeuweriken die de overtocht van Scandinavië naar het vasteland van Europa maken. Zo nu en dan verdwijnen ze in de bek van meeuwen die de vermoeide landvogels in het water slaan om ze dan in één keer te verzwelgen. Tijdens mijn overtocht op 19 oktober vloog een merel een kwartier lang rondjes om de boot om tenslotte door te gaan naar het zuidwesten. Met de gps konden wij de snelheid van de boot meten: 30 km per uur. De vogel vloog sneller. We schatten een minimale snelheid van 50 km per uur!

 

Zeewaardig en maar 7 gram

 

Telkens wanneer het gestormd heeft spoeden vogelaars zich naar het strand of naar een in zee stekende pier of havenhoofd. Het is een uitgelezen kans om echte zeevogels die door de wind richting kust zijn geblazen op korte afstand te zien langskomen. Maar je kunt ook landvogels op zee tegenkomen. Tijdens de trek moeten veel vogels de zee oversteken, bijvoorbeeld van de zuidpunt van Noorwegen naar het vasteland van Europa of van Schotland naar ons land. Dat is zo uitputtend dat, zodra ze een streepje land of een schip zien, ze daarop aanvliegen om uit te rusten. Van 12 tot 14 oktober was ik vogelen op het eilandje Helgoland, dat 100 kilometer van de Duitse en Deense kust in de Noordzee ligt. En daar wemelde het van de goudhaantjes, Regulus regulus, de kleinste landvogeltjes van Europa.

 

Goudhaantje in de rozenstruiken vlakbij het strand. Ze hebben zo’n honger, dat ze alle schuwheid laten varen. Foto AvBH

 

Een goudhaan is 9 cm lang en weegt VIJF gram! Volgetankt met energieleverende suikers uit bessen en vetten uit insecten, weegt hij nog maar ZEVEN gram, evenveel als een brief met een velletje papier erin. Zodra hun energievoorraad is aangevuld en het weer het toelaat vertrekken ze ‘s avonds van het eiland voor de volgende etappe. Door ‘s nachts te vliegen hebben ze in elk geval veel minder last van de vraatzuchtige meeuwen die hen in één hap doorslikken.

 

Zee bij Helgoland

Goudhaan hoe doe je het?

Wat brengt deze kleine diertjes naar Helgoland? Als er veel tegenwind en een hoge deining is, kun je je voorstellen dat er veel in de golven verdwijnen…. Toch redden de meeste het, hun uithoudingsvermogen is enorm.

 

Nautilus

 

De schelp van de Nautilus, een inktvis,  is gewild als souvenir. En ze zijn zeldzaam. Dat gaat niet saam. Ze leven in de Indische en Grote Oceaan langs de steile onderzeese hellingen van koraalriffen waar veel toeristen komen en de overbevissing een groot probleem is. De trage groei naar hun volwassenheid is een ander gevaar voor deze inktvissen.

 

Bij deze soort is de zogenaamde navel, die onder het midden van de schelp te zien is, gesloten. Museoncollectienr 83878. Foto Museon

 

Er zijn zes Nautilussoorten over van een groep die in het verleden uit vele duizenden soorten bestond. Iedere Nautilus leeft in een door henzelf gemaakte schelp. De schelp bestaat uit kamers, het dier leeft in de laatste kamer. Andere inktvissoorten, de octopussen, zeekatten en de pijlinktvissen hebben een inwendige schelp. Die je dus niet ziet. Na te zijn gestorven blijft de schelp over en die vindt je als de zogenaamde zeekaak aangespoeld op het strand. In de Museoncollectie hebben we drie Nautilussoorten.

 

Opnieuw bruinvis aangespoeld

 
Nu bijna een jaar geleden vonden mijn dochter en ik een bruinvis, Phocoena phocoena, op de Zandmotor bij Monster. Gisteren liepen wij van Den Haag naar Hoek van Holland. Even voorbij de Zandmotor lag er opnieuw een dode bruinvis, nu heel wat verser dan de vorige. Alleen de kop was aangevreten door de meeuwen. Je herkent een dode bruinvis op het strand aan de stompe kop, het lage rugvinnetje en de kleine platte staart.

 

De bruinvis gistermiddag op het strand van Monster. Foto's AvBH

 

Een aantal jaar terug is er een meldpunt walvisstrandingen opgericht. Daar kan iedereen vondsten, liefst met foto, kwijt. Ook op de site waarneming.nl is er gelegenheid meldingen te doen.

Vaak zijn de kadavers al een eind op weg in het verrottingsproces wat het tot een onaangenaam gezicht maakt. Hieronder nog enkele foto’s. Het hoofd van de bruinvis is aangevreten door meeuwen die het op ogen en hersens voorzien hebben.

Staartvin

Buikzijde

Aangevreten kop

Anus en melkklieren

Walvisluizen

 
We noemen ze walvisluizen (Cyamidae), maar het zijn kreeften en geen luizen. Ze leven behalve op walvissen ook op dolfijnen. Op verzwakte en zieke dieren nemen ze snel in aantal toe. Die kunnen aanspoelen en een onaangename dood sterven. Als ze op tijd gevonden worden, belanden ze in een opvangcentrum en worden daar van hun parasieten verlost. Na aangesterkt te zijn kunnen ze terug naar zee.

bruinvis

Dode bruinvis, Phocoena phocoena, met wonden over de hele huid. Links zijn grote aantallen walvisluizen te zien.

Close-up opname van de walvisluizen op dezelfde bruinvis die op 29 maart 2010 aanspoelde op Vlieland. Foto’s Pierre Bonnet, Ecomare

Parasieten zijn deel van de biodiversiteit. Net als hun slachtoffers waar ze van afhankelijk zijn. Wij zien ze niet zitten, verachten ze, en bestrijden ze op alle mogelijke manieren. Kattenvlooien verlammen we met vlooienpoeder, luizen doden we met elektrisch geladen kammen en voor de uitdrijving van wormen bij koe en hond geven we pillen. Al die middelen willen vriendelijk zijn voor de gekwelden, maar ze zijn onvriendelijk voor de parasieten en slecht voor het milieu.

 

Met dank aan Pierre Bonnet en Rob Hammer van Ecomare op Texel.